maandag 20 februari 2017

Eerste opzet quest 2


Hieronder mijn eerste uitwerking van quest 2. Bronvermelding etc. is allemaal nog niet in orde, dit volgt later.
Scenario 1: Onderwijs op maat
Het is 2030 en Klaartje (10 jaar) hoeft, in tegenstelling tot 13 jaar geleden, niet meer dagelijks fysiek op school aanwezig te zijn. Doordat de voorwaarden zijn bijgesteld, hebben scholen
meer ruimte om te variëren in wanneer en waar een leerling lessen volgt. Klaartje kan nu vanuit huis virtueel inloggen om verplichte (of zelfgekozen) lessen te volgen. Leersituaties voldoen aan de eisen van onderwijstijd wanneer deze plaatsvinden onder verantwoordelijkheid van bekwaam onderwijspersoneel, deel uitmaken van het door de school geplande en voor leerlingen verplichte onderwijsprogramma en bestaat uit leeractiviteiten die inspirerend, zinvol en uitdagend zijn (OCW, 2013).
Het onderwijs van nu (2030) dient nieuwsgierigheid en creativiteit te ontwikkelen, bij te dragen aan de persoonsvorming en aan vorming van verantwoordelijke burgers die kunnen omgaan met diversiteit. De vakken die als basis fungeren voor het onderwijs zijn net als in 2017: Nederlandse taal, rekenen en wiskunde, Engels, digitale geletterdheid, burgerschap en ‘kennis van de wereld’. Daarnaast ontwikkelen leerlingen vakoverstijgende vaardigheden die nodig zijn om te kunnen functioneren in de huidige samenleving, en ondersteunt bij een leven lang leren bijv: leervaardigheden, creëren, kritisch denken, probleemoplossend vermogen en samenwerken. (van den Broek, Campen, de Haan, Roeters, Turkenburg & Vermeij, 2016).

De ouders van Klaartje hebben, vergeleken met 13 jaar geleden, een grotere rol in de ontwikkeling van de kinderen en staan meer op dezelfde lijn met de leerkracht. Als tussenpersoon tussen ouders en leerkracht hebben alle leerlingen per persoon een eigen robotcoach. Deze robotcoach helpt niet alleen de leerling, maar ook de ouders in het opvoeden en het optimaal ontwikkelen van hun kinderen. De robotcoach popt op zodra een codewoord uitgesproken wordt, het is geen fysieke robot. De rol van de leerkracht zit hem vooral in het ondersteunen/begeleiden van de zelfstandig lerende leerling. Het contact is soms online/soms op school of via de robotcoach die overleg heeft gehad met ouders en leerkracht en dit terugkoppelt naar de leerling?

 

De begrippen ‘basisschool’, ‘speciaal onderwijs’ en ‘(speciaal) voortgezet onderwijs’, die 13 jaar geleden niet uit beeld te denken waren,  zijn nu verdwenen. De scheidingslijn tussen basisschool en voortgezet onderwijs bestaat niet meer. Leerlingen leren volgens een persoonlijk ontwikkelingsplan. De tijd van ‘one size fits all’  is voorbij en heeft plaatsgemaakt voor zelfstandig leren. Zelfstandig leren was 13 jaar geleden opkomend. Mensen moeten regelmatig hun kennis bijspijkeren omdat de maatschappij toen ook al snel veranderde (Geerligs & van de Veen, 2010). Wat in het huidige onderwijs ook steeds belangrijker is geworden, is het ‘leren leren’. Bij zelfstandig leren is het daarom van belang dat leren leren de aandacht krijgt (Geerligs & van de Veen, 2010).

Dankzij de mogelijkheden van nieuwe technologie zijn vormen van differentiatie en maatwerk mogelijk die zonder ICT niet uitvoerbaar zouden zijn. ICT maakt gepersonaliseerd leren in de praktijk makkelijker hanteerbaar en uitvoerbaar (Marquenie, Opsteen, ten Brummelhuis & van der Waal, 2014).

De dagen dat Klaartje wel op school les krijgt, zijn ook anders vormgegeven. De kleine dorpsscholen, die in 2015 al enorm aan het krimpen waren (Nationale onderwijsgids, 2015), zijn verdwenen. Het zijn vooral nog grote, overkoepelende gebouwen met veel mogelijkheden onder een dak. Hierbij valt te denken aan een consultatiebureau, scholen/opleidingen, maar denk ook aan vrije tijdsbesteding, stageplekken.

 

Bronnen scenario 1:

 

van den Broek, Campen, de Haan, Roeters, Turkenburg & Vermeij, (2016), De toekomst tegemoet.

Geerligs, T., & Veen, T. van de. (2010). Lesgeven en zelfstandig leren. Assen, Nederland: Van Gorcum

 

Nationale onderwijsgids. (2015). Geen scholen meer in kwart Nederlandse woonplaatsen. Geraadpleegd op 13 februari 2017 van https://www.nationaleonderwijsgids.nl/passend-onderwijs/nieuws/29460-geen-school-meer-in-kwart-nederlandse-woonplaatsen.html

OCW. (2013). Kamerbrief over wettelijke normen onderwijstijd voortgezet onderwijs.

Geraadpleegd op 9 februari 2017 van http://www.rijksoverheid.nl/documenten-enpublicaties/kamerstukken/2013/09/19/kamerbrief-over-modernisering-wettelijkenormen-

onderwijstijd-voortgezet-onderwijs.html


 

Scenario 2: Samen sterk
Het is 2030 en de school waar Klaartje (10) les krijgt heeft zich ontwikkeld tot professionele leergemeenschap. De basis hiervan is het doorlopend elkaar ontmoeten, samen reflecteren en samen leren, met als doel een leerproces tot stand te brengen dat gericht is op het primaire proces, namelijk het leren van de leerlingen (Lieskamp, 2015). In het advies van Ons Onderwijs 2032 werd geadviseerd om leerlingen op school te leren samen te leven en te werken, hun eigen mening te vormen en die van anderen te respecteren (Ons onderwijs 2032 - Advies, 2016). Op dit moment staat het onderwijs geheel in het teken van samen werken en samen leren.

De 21 eeuwse vaardigheden die in 2017 al een steeds grotere rol speelden, hebben een nog grotere invloed gekregen op het onderwijs. Dit komt omdat de kinderen nu nog meer dan in 2017, worden opgeleid voor banen die nog helemaal niet bestaan. De 21 eeuwse vaardigheden zijn inmiddels zijn compleet verweven in het curriculum (SLO, 2013).

De school is onderdeel van een enorm centrum, waarin kinderen zich kunnen ontwikkelen tot werkende burgers. Tegenwoordig bevindt zich hier ook het bejaardenhuis. Waar de jeugd steeds meer is gaan zorgen voor de ouderen, wordt het hier goed gecombineerd.
Klaartje werkt veel in groepen en is momenteel bezig met een project voor het bejaardenhuis, wat ook in het centrum gevestigd zit. De leeromgeving is verder dan de klas alleen, door de vele mogelijkheden in het centrum waar ze les krijgt. Binnen de wisselende groepen waar ze aan opdrachten werkt, ontwikkelt ze wel haar eigen leerdoelen. Samen met de leerkracht en robotcoach wordt tussentijds gekeken naar de vorderingen hiervan (zelfstandig leren).

De leerkrachten die werken op de basisschool van Klaartje, zijn net als de leerlingen steeds meer collectief gaan leren de afgelopen jaren en hebben zich ontwikkeld tot echte lerende organisaties, passen bij levenslang leren. Ze leren collectief binnen en buiten de school (Dekker, 2014).
Het contact tussen scholen kan fysiek plaatsvinden, maar met de huidige mogelijkheden op gebied van ICT en sociale media ontmoeten scholen elkaar ook in de digitale wereld.\
De rol van de leerkracht ligt vooral in het ondersteunen en begeleiden van het zelfstandige leerproces waarin de leerlingen zich bevinden en zorgen dat ze doelen die gesteld zijn ook kunnen halen (
Geerligs & van de Veen, 2010).

Een levenslang leren is waar alle leerlingen/studenten tegenwoordig mee opgroeien. Leren weten, leren doen, leren zijn en leren samenleven zijn belangrijke pijlers. Leren staat hierbij voor de algehele persoonlijke ontwikkeling die mensen in staat stelt actief te participeren in de samenleving, vorm te geven aan hun omgeving en talenten volledig te ontplooien. Van alle leerdoelen is het leren samenleven belangrijker geworden vanwege de toenemende diversiteit in de samenleving. Die diversiteit versterkt ook de noodzaak tot wederzijds begrip, het vermijden van conflicten en kunnen samenwerken (van den Broek, Campen et al., 2016).

Bronnen scenario 2:

van den Broek, Campen, de Haan, Roeters, Turkenburg & Vermeij, (2016), De toekomst tegemoet.

Dekker (2014) Toekomstgericht funderend onderwijs

Lieskamp, M. ( 2015) Samen leren in een professionele leergemeenschap. Geraadpleegd op 18 februari 2017 van  http://www.myriamlieskamp.nl/wp-content/uploads/2013/10/Direct-nr-5_leergemeenschap.pdf

Geerligs, T., & Veen, T. van de. (2010). Lesgeven en zelfstandig leren. Assen, Nederland: Van Gorcum

 

SLO. (2013). 21st century skills: een nieuwe uitdaging voor het curriculum. LRPLN, 48-49

 

Scenario 3: Werken naar de standaard
Het is 2030 en Klaartje (10) is een leerling die, net als alle andere leerlingen op school hetzelfde aanbod krijgt, wel met de mogelijkheid om extra begeleid te worden als haar persoonlijke leerdoelen niet gehaald worden. De individualisering heeft de afgelopen jaren verder doorgezet en maatschappelijke verbanden zijn losser geworden. In deze geïndividualiseerde samenleving hechten mensen er aan hun eigen leven zelf vorm te kunnen geven (Dekker, 2014).

Omdat Klaartje nu 10 jaar is wordt er een kennistest afgenomen. Welke kennis is bij Klaartje de afgelopen 10 jaar allemaal bijgebleven? Na de test wordt door middel van een ingebrachte kennischip haar kennis aangevuld op de gebieden waar ze nog tekort in schiet. Daarnaast bepaald de arbeidsmarkt deels de toekomst van Klaartje. Waar behoefte aan is, dat wordt geproduceerd. Op deze manier zijn tekorten in bepaalde sectoren niet meer aan de orde.

De leerkracht blijft een ondersteunende rol houden in het proces van zelfstandig leren. ICT heeft ervoor gezorgd dat bepaalde taken geautomatiseerd gaan en daarmee bepaalde taken van de leerkracht ontnomen hebben ( onderzoeksnotitie 2014). ICT zorgt nu voor gestandaardiseerd maatwerk voor Klaartje in een computergestuurde omgeving. Daarnaast is ICT erop gericht om Klaartje  te ondersteunen bij het meer zelfstandig richting geven aan het eigen leerproces. Ze krijgt bijvoorbeeld informatie aangereikt over voortgang van eigen activiteiten. Klaartje kan vervolgens zelf keuzes maken over de inhoud, aanpak en planning van volgende leeractiviteiten

De assumptie bij deze vormen van zelfstandig of zelfgeorganiseerd leren is dat leerlingen weten wat ze willen en over de benodigde vaardigheden voor zelfsturing beschikken om al dan niet in samenwerking met de leerkracht de juiste keuzes te maken. Leerlingen blijken niet zondermeer over deze vaardigheden te beschikken ( onderzoeksnotitie 2014).

Leerinhouden….

Bronnen scenario 3:

Dekker (2014) Toekomstgericht funderend onderwijs

Onderzoeksnotitie 2014

 

Scenario 4: Gesocialiseerd onderwijs/ Uniformiteit

Het is 2030 en Klaartje gaat nog steeds elke dag naar school toe om les te krijgen. Vergeleken met 15 jaar geleden zijn er alleen de nodige dingen veranderd. Dit is zichtbaar zodra je het schoolgebouw binnenkomt. ICT is een nog grotere rol gaan spelen in het onderwijs en overal zijn werkplekken gecreëerd met computers, tablets etc. 

De docent is nog steeds de onderwijzende kracht, die de afgelopen jaar niet is verdwenen uit het onderwijsveld. Echter is deze niet altijd meer fysiek aanwezig. Leerkrachten kunnen overal worden ingezet en door VR kunnen zij aan veel meer publiek tegelijk lesgeven. Op grote schermen in de school bieden zij de kernvakken rekenen, taal en lezen aan.
De robotcoach is oproepbaar voor elke leerling om daarna de ondersteunen bij het verwerken van de lesstof.

In de professionele leergemeenschap die ontstaan is in de afgelopen decennia nemen docenten actief deel aan besluitvormingsprocessen, is er een cultuur van samenwerken, en dragen zij samen verantwoordelijk voor de resultaten van het werk (Onderwijsraad 2012). De opbrengst hiervan is de ontwikkeling van gedeelde visie op ‘goed onderwijs’ en een cultuur waarin gezamenlijke reflectie en feedback op het eigen handelen mogelijk is. Samen verantwoordelijk voor goed onderwijs.


Bronnen scenario 4:


Onderzoek notitie gepersonaliseerd leren Elk talent een kans, verkenning van gepersonaliseerd leren met ICT

1 opmerking:

  1. Je begint de scnerario's mooi met een korte introductie van een voorbeeldleerling waarin je duidelijk al een beeld schetst van het onderwijs van de toekomst. Bij het laatste scenario noem je ook de verschillende drijvende krachten, doe dit bij de overige scenario's ook. Je hebt in de verschillende scenario's al een aantal elementen van het toekomstig onderwijs beschreven,dit zijn mooie elementen die ook realistisch zijn in 2030, probeer dit nog verder uit te breiden. Je geeft zelf al aan nog bronnen toe te voegen. Denk aan het principe van backcasting tijdens het schrijven. Dit mag je nog duidelijker toepassen, bijvoorbeeld 'deze ontwikkeling werd al ingezet vanaf 20.. toen het rapport van ...uitkwam waarin .... 'na de rapport volgde enkele belangrijke ontwikkelingen: '....'. Goed bezig al, je stuk leest gemakkelijk en ik zie al duidelijke verschillen tussen de verschillende scenario's.

    BeantwoordenVerwijderen